zaterdag 20 augustus 2011

Dichtkennis (2)



Nou, ik heb me wel iets op m’n hals gehaald, verdiepen in de dichtkunst.
Daar ben je wel een poosje zoet mee. Maar vooral lastig ook: daar iets over schrijven, de juiste woorden vinden om een gevoel te verklaren.
Als je me vraagt maak eens een visualisatie van een dichter, dan krijg ik een plaatje in mijn hoofd van een vriendelijke, zachtaardige, wat zonderlinge man. Iemand die op een zolderkamertje zit, met hartepijn peinzend uit het veluxraampje staart. Dat slaat natuurlijk nergens op.

Ik heb zes dichtbundeltjes in mijn boekenkast staan. Dat is gelukkig niet veel, het is voorlopig genoeg. Eerst deze weer herontdekken, dan verder.
Drie heb ik ooit cadeau gekregen en drie zelfgekocht. Eén van die drie zelfgekochte was ik helemaal vergeten, hij stond in de tweede rang (u weet nog, dubbele rijen in mijn boekenkast). Het is een bundeltje van de Stichting VSB Poëzieprijs: De beste gedichten van 2000 gekozen door Theo de Boer. Toch niet niks, zou je denken.

Hoe kom ik er aan? Gek is dat, ik weet het niet meer. Niet cadeau gekregen, want het prijsje zit er nog op (ƒ 20,50 / € 9,30). Dus ik heb in het jaar 2000 een boekje met gedichten gekocht. Veel geld wel, voor zijn dun boekje. Waarom? Ik was er toen niet zo mee bezig. Gedichten raakten me wel, maar vaker vond ik het elitair, arrogant ego-gedoe, want ik snapte er niks van.

Dit boekje deed me toen zeker iets? In de inhoudsopgave heb ik met potlood puntjes bij 21 van de 100 gedichten gezet. Die vond ik toen blijkbaar mooi.
Ik had het boekje mee, in de trein naar Groningen, afgelopen zondag, dus heerlijk 135 minuten de tijd om te lezen. Die 21 aangevinkte gedichten vind ik nog steeds of opnieuw weer erg mooi.
Ik ga niet ‘slordig lezen’, ik lees naast deze voorkeur ook de andere gedichten en probeer een antwoord te vinden waarom het ene me wel aanspreekt en het ander niet. Zegt het iets over het gedicht of zegt het iets over mij?

In het voorwoord van dit boekje staat: Gedichten lezen is gedichten herlezen. Herlezen bleek ook de meest praktische maatstaf voor het beoordelen. Wanneer één keer lezen volstaat, vervliegt het gedicht.
En: Veel lezers worden geïrriteerd door ‘moeilijke’ gedichten. De dichter zou zijn werk met opzet duister maken.

Ik begin netjes bij het eerste gedicht en het gaat al gelijk mis. Ik lees en lees en lees nog eens en snap er geen hout van. Ik probeer het echt ...
Er schieten vragen door mijn hoofd die me afleiden van de tekst. Waarom  zulke onleesbare zinnen, waarom die woorden, waarom die lay-out, met (voor mij) onduidelijke inspringingen en gebruik van rechte haakjes? Ik zit toch geen wiskunde te lezen!
Het voelt alsof ik een pot met woorden uit m’n handen heb laten vallen, ze op de grond alle kanten zijn uitgerold en ik wanhopig de leesbaarheid probeer terug te vinden.

Doorbladeren maar en dan gelukkig ook weer de mooie gedichten tegenkomen, hè ik moet er een beetje van zuchten. Waarom roepen ze toch zulke verschillende emoties op?

Een voorbeeld, deze van Jozef Deleu: uit de bundel Hazen troepen samen.


Waar het op aankomt

Waar het op aankomt
de trein die niet

voortijdig stopt
in het station
de zon die niet ongezien
wegzinkt in zee.

Waar het op aankomt
een werkwoord vervoegd
in een goede zin
een vraagstuk opgelost
zonder vermogen
en zonder verlies.

Waar het op aankomt
een verlicht meer
en verliefd tot over

de oren. Het gaat voorbij
maar er blijft
overschot.

Waar het op aankomt

gerijpt in een eiken
vat reisvaardig
voor de overtocht
zonder overkant
als het moet.


Om me verder te bekwamen in en het begrijpen van de dichtkunst lees ik op internet ook wel literaire blogs e.d. Dat beeld van die dichter op zolder moet ik wel loslaten. Er verschijnt soms zelfs een beeld van wat nare, betweterige mannetjes voor mijn geestesoog. Wat kunnen ze elkaar afkraken! Dat geeft me een beetje dubbel gevoel ... dat doe je toch niet.
Kan je het vergelijken met schilderkunst? Ook daar heb je het: het ene spreekt je aan, het andere niet.
Zodra een deskundige uitleg geeft, bekijk je het opeens heel anders.

Als je op Wiki kijkt bij dichtvormen raak je helemaal zoek. Wat zijn er veel vormen! Weleens van een ‘flarf’ gehoord? Dacht je dat een ‘ollekebolleke’ iets simpels was? Vergeet het maar!
Echt vergeten hoor, want als ik me nu ook ga afvragen wat voor vorm het is, raak ik de weg helemaal kwijt.

Ik ben geen dichter, zelfs geen amateurdichter. Ik vind het wel leuk om zelf eens een haiku, een oude dichtvorm uit Japan, te schrijven. Als ik het ergens naar mijn zin heb, lekker buiten, dan willen ze nog eens zomaar ontstaan.

Tot ik bij Literatuurlog de ‘Nederlandse vereniging ter bestrijding van de haiku’ tegen kwam: Men noemt het daar een volstrekt overbodige vorm van poëzie en knutselpoëzie. Is het humor of gemeend?
Ik begon te twijfelen over mijn eigen maaksels. Zijn ze stom?
Voelde ik me aangesproken?
Alsof je bij Karel Appel zegt, dat kan mijn kleinkind ook…

Ach, welnee, het maakt me niet uit. Ik word toch wel blij van een zelfgemaakte haiku. De interesse is er, ik lees gedichten die op mijn pad komen, ik lees de literaire blogs… ik leer er ook wel van, maar ik moet vooral naar mijn gevoel luisteren en me niet zoveel aantrekken van de (eigen)wijze mannen.

Hoe kies ik dan een dichter in wiens gedichten ik me wil verdiepen? Ik zou bijvoorbeeld criteria kunnen aanwenden als: hij moet Belg zijn en van het sterrenbeeld stier … of hij spreekt me aan, letterlijk en figuurlijk … of hij is Grunneger en toevallig ook bloedjemooi, kijk dan ben je alweer een poosje van de straat!

Dit is trouwens mijn 200ste bericht!
Ik plaats ook regelmatig gedichten die ik mooi vind, of die iets met mij te maken hebben in label Dinsdag Dicht.
Laat je me eens weten wat jouw gedachten daarover zijn?



9 opmerkingen:

  1. Ben ook een liefhebster en houd erg van Paul van Ostayen, Lucebert, Vroman en Pessoa bv. Heb nu een bundel van Hans Andreus onder handen en kwijl soms van het mooie ervan. Plaats maar lekker hoor, en geniet er zelf van. Ik ben er wel blij mee als je dat doet.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Hee, allereerst gefeliciteerd met je 200ste bericht en ga vooral door.
    Groet

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Heb dit nummer 200 twee keer gelezen en blijf het mooi vinden. :-)

    De Nederlandse vereniging tot bestrijding van de haiku is zowel humor als gemeend. Alles waar een overvloed van is, zal afkeer verwekken bij een zelfbenoemde elite. (Eerste wet van Perton). Om haar onmacht te bewimpelen, vindt deze elite de ironie uit (Tweede wet van Perton).

    In verband met dat: "Veel lezers worden geïrriteerd door ‘moeilijke’ gedichten" - zou je ook eens een gedicht willen bespreken wat je moeilijk vindt en dat je afstoot?
    Bij hermetische gedichten ga ik eerst liever af op de stemming die ze oproepen, dan op de directe betekenis van de woorden. Er is een parallel met het bekijken van een een abstract schilderij: niet de voor-stelling is belangrijk, maar de emotie die erin gelegd is.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Het doet me plezier hier verschillende Vlaamse dichters vermeld te lezen (Deleu, Lucebert, Van Ostayen)... Hier in Vlaanderen hebben we altijd de indruk dat Nederlandse auteurs/dichters wel bekend zijn in Vlaanderen, maar veel minder omgekeerd.

    Dichters die mij steeds weer aanspreken zijn Herman de Coninck, Rutger Kopland, Paul Snoek, Hans Warren.

    Maar jouw berichtjes kan ik ook heel erg smaken, al reageer ik niet zo vaak...

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Een prachtige tweehonderdste, gefeliciteerd daarmee. Ik vind het een heel boeiend onderwerp: hoe leert iemand zichzelf gedichten lezen?

    En blijf vooral haiku's maken als je dat leuk vindt, wat zullen we nou krijgen! Die wetten van Perton zijn zo gek nog niet :-)

    BeantwoordenVerwijderen
  6. Toen de Dikke Komrij, met al die gedichten van de 19e en 20e eeuw net was verschenen, had ik het boek op tafel liggen. De ene na de andere bezoeker kwam langs om te zoeken naar zijn of haar favoriete gedichten en las die ongevraagd voor. Meestal waren het er drie. twee grappige en daarna een 'echt mooie'. Na een jaar was het boek door al die honderden handen beduimeld. Hij staat nog steeds in mijn boekenkast, na drie, vier verhuizingen. Met dus die herinneringen aan al die mensen die ik nooit meer zie.

    BeantwoordenVerwijderen
  7. Wat leuk, zoveel reacties, dank jullie wel!
    @Gelkinghe: die parallel snap ik, maar ik wil ook weten waarom het die emotie oproept. Zie m'n volgend blogbericht.
    @AnneTanne: Integendeel, van de meeste dichters die ik tot nu toe 'ken' zijn de Vlamingen in de meerderheid. Ik ben blij dat je weer blogt, ik heb je stukjes gemist.
    @ Catharina: Inderdaad niet gek: Perton wetten!
    @ Jan Veldman: mooi, dus dat boek is een aanrader, begrijp ik.

    BeantwoordenVerwijderen
  8. Bewandel eens andere paden dan de door zelfbenoemde kenners voorgeschreven wegen.
    Neem de tijd en geniet van de gedichten van de oud huisdichter(2009-2010) van de Rijks Universiteit Groningen (Tot nu toe kunnen maar heel weinig mensen zich zo noemen !!)
    Het zijn mooie ''bedenkingen'' van een bescheiden man! Geniet van http://sachalandkroon.blogspot.com/

    BeantwoordenVerwijderen
  9. @Stormblast: Beide blogs heb ik inmiddels ontdekt. Mooi ook zo'n trotse vader.

    BeantwoordenVerwijderen