maandag 18 april 2022

Witte kwikstaartjes

Halverwege maart vielen ze ons opeens op. Eerst een, later twee witte kwikstaartjes, ze renden dagelijks over het terras. Ze pikten minuscule insecten van de stenen, voor ons onzichtbaar, maar er was blijkbaar voldoende. Als ze hard achter insecten aanrenden leken de pootjes op wielen.


Als ze in maart massaal terugkeren heeft elke boerderij z’n eigen paar, las ik op de site van de Vogelbescherming. Ik hoopte al dat ze zouden blijven.




We zagen dat ze het nieuwe houthokje inspecteerden, verschillende holletjes tussen de haardblokken werden uitgebreid bekeken. Uiteindelijk vonden ze de ultieme plek, bovenin het houthok, met achter het insectenhotelletje een ingang.




Nu konden we meegenieten van het verzamelen van nestmateriaal, er werd gewikt en gewogen. Als ze allebei de akker opvlogen, keek ik snel of ik al iets kon zien en zag een ontroerend begin van een nestje.


Het bouwen ging gestaag door. Soms kwam een derde kwikstaart het terras op, maar die werd resoluut weggejaagd.


Het eerste wat ik 's morgens zag als ik de gordijnen open deed, was ons paartje kwikstaartjes. Je werd zo vrolijk van hun ‘gekwik’.



Tot vandaag.

Ik zag ze eerst nog fourageren vlakbij het keukenraam en opeens hoorde ik een doffe bonk, niet eens heel hard … en daar lagen ze. Eentje was direct dood en de ander stierf in mijn hand.

Wat was het? Schrokken ze ergens van? Opgeschrikt door de sperwer? Was er een gevecht? Ik zal het nooit weten. Allebei tegelijk, zo bizar.

Verschrikkelijk … ik was er echt even kapot van.

Al die energie gestopt in het maken van een nestje, alles voor niks. Misschien wel een gelukje dat er nog geen eitjes of jongen waren.


Kleine troost is dat de merels weer een nest aan het bouwen zijn in het oude houthok, dat daarboven in de nestkast vermoedelijk een koolmees nestelt en dat er in de villa weer pimpelmezen zitten. Ook de kauwen hebben de schoorsteen weer bezet.


Maar wat mis ik die kwikstaartjes.












zondag 3 april 2022

Fritillaria

In Domies Toen is een rondwandeling langs Fritillaria's. Nu ik zo enthousiast ben over deze plant is dat natuurlijk een buitenkansje. Ik heb zelf een aantal Kievitsbloemen in de tuin en dus die twee Keizerskronen.

Tijdens de rondwandeling leren we dat er veel meer soorten bestaan, wel tot 140. De Kievitsbloem is de enige inheemse. Het is normaal dat de kievitsbloemknop voor de bloei bij kou en schrale wind tegen de grond komt te liggen. Ik dacht dat mijn kievitsbloemen omgewaaid waren en ik wilde ze al rechtop zetten. Maar dat doet hij dus om zich te beschermen. Zodra de bloei begint tilt de steel langzaam de bloem omhoog.

Als je in de Nijssen catalogus kijkt zie je dat er elf pagina's met verschillende Fritillaria's zijn. Met prijzen van 100 voor 17,— tot wel 1 exemplaar voor 17,50!

Het geslacht Fritillaria wordt door botanici is zes verschillende secties verdeeld. In Domies Toen (die een Frittilaria in het logo heeft) staan 26 soorten en in het net nieuwe gidsje staat welke bij elkaar horen en waar ze thuis horen.

Er staan ook werkelijk prachtige panelen in de tuin tentoongesteld, deze zijn gemaakt door de botanische tuin in Warschau.

Enkel soorten in Domies Toen met de nummers die verwijzen naar beschrijving in de gids.
nr. 1, Fritillaria michailovskyi:


nr. 4, F. raddeana:


nr. 6, F. ‘Early Passion’:

nr. 7, F. ‘Red Beauty’:


nr. 17,  F. sewersowii:
nr. 26, de bekende Kievitsbloem, Fritillaria meleagris:

Fraaie planten! In augustus nog maar wat meer soortjes aanschaffen.


donderdag 31 maart 2022

Keizerskroon

Afgelopen herfst heb ik twee bollen van de Keizerskroon aangeschaft. Ik had nooit aandacht voor deze plant, omdat ik dacht dat ze altijd oranje waren. En dat is niet mijn tuinkleur.

Maar ik ontdekte dat er ook gele en rode bestaan, en omdat ze een ‘vossengeur’ verspreiden zouden ze mollen en woelratten weghouden. Van de mollen heb ik weinig last, maar de gangen en gaten die de woelratten of -muizen (ik weet het niet, ik heb ze nooit gezien) maken, storen me wel. Vooral in het Berkperk en in de nieuwe perken van de Le Roytuin. Ook onder de paadjes daar. Soms zakt mijn voet helemaal weg.

In het blaadje van Velt las ik nog een andere tip: ze zouden niet van menselijke urine houden. Ook maar uitgeprobeerd. Gewoon ochtendplasje verdunnen met water en in de gaten gieten.

Wat precies geholpen heeft weet ik niet, maar de gatenmakers zijn verhuisd naar de achterkant van de tuin. Daar mogen deze beestjes vooralsnog hun gang gaan.

Maar goed, die Keizerskroon dus. Fritillaria imperialis. Familie van de Kievitsbloem. Ik moet zeggen, ik ben helemaal om! Wat een schitterende plant. 

Dit is de ‘Early Passion’, op 17 maart:


En dit de ‘Red Beauty’:

‘Early Passion’, 21 maart:

‘Early Passion’, 25 maart:


‘Red Beauty’, 29 maart:

‘Early Passion’, 29 maart:



En dan wordt het 31 maart, de laatste dag van een fantastisch mooie maand, zo bizar ... sneeuw en ijskoude oostenwind. 
‘Red Beauty’ houdt dapper stand, die is ook nog wat lager (in de rode cirkel).

Er valt weinig te zien door het raam. Even naar buiten ... en daar ligt de eens zo fiere ‘Early Passion’:


Ik durf er niet aan te komen, bang dat de steel alsnog knakt. 
Geduldig wachten tot het beter wordt.
Achter in de tuin:


Het kippenhok:


Uit het raam aan de voorkant van het huis, mèt een Apache helicopter:


En dan twee dagen later ... o, wonder ... ‘Early Passion’ richt zich weer op! 


Ongelofelijk wat een kei van een plant. Ze komt dan ook oorspronkelijk van Afghanistan, Iran, Pakistan en Kashmir-gebergte.



dinsdag 29 maart 2022

De Wilde Tuin (1)

NRC is samen met de universiteit van Tilburg een project gestart waar je aan kunt deelnemen: De Wilde Tuin … wat gebeurt er wanneer je een leeg stukje van de tuin een jaar lang niet aanraakt. Ik heb me aangemeld en ontving bij de bevestiging 4 piketpaaltjes om een deelmeter af te zetten.



Grappig is dat ik dit al van plan was in de Le Roy tuin. Dit deel van de tuin was tot voor kort nog een grasveldje. Er staan muurtjes van oude stoeptegels en er zijn twee perkjes gemaakt, Perk Louis en Perk Guillaume.

Ik wilde gewoon afwachten wat er gebeurt. Wel grasjes weghalen omdat ik denk dat het anders na een jaar weer gewoon een grasveldje is.


In perk Guillaume heb ik voor het NRC-project de vierkante meter afgezet met de paaltjes. De bedoeling is foto’s er van te maken en verslag van doen.

De eerste wilde plantjes verschijnen al snel: paardebloem en veldkers.




Het leuke is dat er meer dan 8000 deelnemers zijn, dus is er zomaar 8000 m2 wildernis bij in Nederland!

Op dit moment valt er nog niet zo veel te melden. Ik hou me al niet helemaal aan de eis om helemaal niets te doen. Een van de populieren heeft dit jaar ongelooflijk veel katjes en de hele tuin ligt nu vol met die dingen. Daarnaast verschijnen er duizenden zaailingen van de esdoorns. Die verwijder ik sowieso uit de tuin, maar dus ook uit het proefstukje, want als je te lang wacht krijg je ze er niet meer uit. En ik heb al genoeg esdoorns.



Mijn hen Ruby Tuesday wordt wild van de verse populierkatjes. Misschien smaken ze wel zoet?
Of denkt ze dat het vette rupsen zijn? Als ze uitgedroogd raken zijn ze niet meer interessant.

Ik heb wel even gezocht of het kwaad kan, maar ik kan niks vinden over giftigheid bij populieren.


De eerste opdracht is het testen van de waterdoorlatendheid: graaf een gat van 15x15x15 cm en giet er 3 liter water in. 

Check met een stopwatch hoe lang het duurt voordat het water helemaal is weggelopen. 

Bij mij duurde het op dat plekje ruim een kwartier.


Ook moet je de gezondheid van de bodem onderzoeken en welke bodemdieren en regenwormen voorkomen. Dat moet ik nog doen.

Ik vind het erg leuk om hieraan mee te doen!





zaterdag 26 maart 2022

Groen Erfgoedcafé excursie Westerkwartier

Vandaag gaan we mee op excursie. Ik ben lid geworden van de Nederlandse Tuinenstichting en kreeg via hen een uitnodiging voor het Groen Erfgoedcafé, georganiseerd door erfgoedorganisaties. Dit jaar vindt het plaats bij de Coendersborg in Nuis. De stinzenplanten, börgbloumkes in het Gronings, staan hierbij centraal.


We starten in het Dorpshuis De Vrijborg met koffie en koek en een lezing over deze planten.

De lezing zou gehouden worden door Heilien Tonkens, dè specialist op het gebied van stinzenplanten. Helaas moest zij afzeggen en werd er waargenomen door Henk-Jan v.d. Veen, boswachter communicatie bij Staatsbosbeheer.


Daarna volgt de excursie onder leiding van vrijwilligers van het Groninger Landschap. Met een bus rijden we naar het Iwema-Steenhuis in Niebert en krijgen uitleg over steenhuizen en hun tuinen en geschiedenis.



Hier staat de dikste beuk van Groningen, een imposante boom! Voor de beuk poseert
Els De Boer, tuinontwerpster in Warffum.

Daarna wandelen we via ’t Pad, een eeuwenoude verbindingsweg, naar de Coendersborg.





Terwijl de gids van het Groninger landschap uitleg geeft over de borg, en de daarnaast gelegen boerderij Börgbloumke, kon ik nog even toevoegen dat ik die naam gegeven heb.


In de stal van de borg is een glazen huis gebouwd, dat dienst doet als vergaderplek, scheelt stookkosten denk ik. In de nok nestelt een kerkuil.


We zagen wel wat soorten stinzenplanten, maar ik vond het een beetje tegenvallen. Toch was het een erg leuke middag. We eindigen met een borrel en lekkere hapjes. 


zondag 27 februari 2022

Sneeuwklokjes en Oosterhouw


In de hele provincie staan veel sneeuwklokjes en sommige tuinen doen mee met de Sneeuwklokjeszondagen, zoals de prachtige tuin de Houtstek met duizenden bolletjes.

Ook hier in mijn bescheiden tuin verschijnen steeds meer sneeuwklokjes. Wat een diehards, na drie stormen, heel veel regen, nachtvorst, wat dan ook, staan de steeltjes nog steeds monter rechtop! Door het keukenraam zie ik de klokjes vrolijk klingelen.



Een bevriend medeblogger die redacteur is van het Merne Magazijn, het tijdschrift van de Historische Kring De Marne, zocht voor de nieuwe uitgave foto’s van sneeuwklokjes op Oosterhouw.
Oosterhouw is een monumentale villa met prachtige landschapstuin, voor mij op fietsafstand. Ik kom er graag!



Ik mocht van de nieuwe eigenaren van het landhuis foto’s komen maken, op deze eerste prachtige dag van dit jaar.

Omdat de tuin nog niet opengesteld is, had ik de hele tuin voor mezelf. Ondanks dat er bomen omgewaaid zijn bij de laatste stormen, achterstallig onderhoud en er bijna geen glas meer in de kas zit, blijft het een betoverende tuin.





Miljoenen sneeuwklokjes. En lenteklokjes. Ook bloeien er vele winterakonietjes, die in mijn tuin maar niet willen. Van de vele bollen die ik plantte staan er nu nog maar twee.

Er bloeien ook al prachtige anemonen op Oosterhouw.




Lenteklokjes met geelgroene of groengele puntjes:


Er bestaan vele soorten sneeuwklokjes, ook dubbele. Omdat ze hangen gebruik ik de truc van de helleborussen, met een spiegeltje onder de rokken kijken:

In de zeventiende eeuw had je de tulpenmanie. Het lijkt wel of er iets dergelijks aan het ontstaan is maar dan met sneeuwklokjes.

Er komen steeds meer Galantofielen, mensen die zoveel mogelijk verschillende soorten verzamelen. Tegen elke prijs. Je hebt sneeuwklokjes al voor een paar cent per stuk, maar ook van 20 tot meer dan 1000 euro per stuk. Ik vind een euro voor 1 zo'n bolletje wel het maximum. Bijvoorbeeld voor de soort met groene puntjes, Galanthus ‘Viridapice’, zou ik dat er wel over hebben. Ik zag deze mooie soort ook in de tuin van Oosterhouw:



De bomen die door de storm zijn omgewaaid zaten vol met klimop. Hoe mooi ook, ze worden wel topzwaar. Hier zie je wat een dikke ‘kabels’ de klimop om de boom maakt.


De vijver, die de vorige eigenaar dempte, is door de vele regen gewoon weer terug ontstaan. Hopelijk wordt het geheel weer in ere hersteld.

Voor het Mernemagazine van 2021, van de Vereniging Historische Kring ‘De Marne’, mocht ik foto's van sneeuwklokjes van Oosterhouw leveren bij een gedicht van C.O. Jellema.