maandag 23 juni 2025

Logeer kipjes (2)

Waren de logeerkipjes vorige maand een weekendje bij ons, kwamen ze weer op 6 juni en blijven bijna twee maanden. De eigenaars zijn met de camper weg.

Hielden we ze vorige maand nog binnen, nu mogen ze naar buiten.Ze krijgen de voorste ren. Van het oude kippenhok, dat inmiddels badhuis geworden was, maken we weer een tijdelijk nachthok.

Met handmatig deurtje, dus zal ik weer vroeg op moeten.

Katrien is een lieve, rustige kip. Het lijkt of ze soms niet weet hoe om te gaan met die vier drukteschoppers.



Omdat het in het begin nog best koud is 's nachts , halen we de kuikens nog naar binnen. Het gaas, bedekt met een steen en een plank mocht niet voorkomen, dat er eentjes ontsnapte en vrolijk door de keuken liep.


Na het weekend is het 's nachts wat warmer en hoeven ze niet meer naar binnen. Hoewel de kuikens alles al kunnen, weten ze niet dat je als het donker wordt naar binnen moet gaan, dat is dus iets wat je van je moeder moet leren.

Katrien gaat zelf al heel vroeg naar bed, soms zelf voor 20:00 uur, maar de kleintjes blijven lekker rondsporten. Om 22:00 uur zetten we ze, onder protest, in het nachthok.


Het gaat heel goed, de verschillende groepjes hebben niet veel aandacht voor elkaar. Alleen onze Bieleveldertjes pikken zo nu en dan venijnig door het gaas naar de kuikens. Maar het blijven twee verschillende wereldjes.

Ze zijn nu ongeveer zes weken. Het wordt al duidelijk wie de haantjes zijn. 

Je kunt er heel de dag naar kijken, het is de leukste TV ooit. Het lijkt wel alsof we ze zien groeien.

's Morgensvroeg, blij dat ze vrijgelaten worden:





zondag 22 juni 2025

Camping

Toen alle delen van de tuin een naam kregen, was er tussen het houthok en de kas een klein stukje gras waar ik geen naam voor wist. Henny gaf het de naam ’Camping‘. Inmiddels zit je daar onder de blauwe regen en de druif. Het is een lekker plekje om koffie te drinken.


Nu vond ik een website, Campspace, waar je je plekje in de tuin kunt verhuren. Een kennis wilde wel haar tentje neerzetten om te kijken of het past en zo maakten we met veel lol een fotoreportage voor op die website. Ik ben de enige hier in de buurt die plantaardige maaltijden serveert.





Het begon als een grap, maar tot mijn verbazing had ik na een week een boeking!

Een sportieve vrouw op de (niet elektrische) fiets die voor twee nachten boekte met maaltijd en ontbijt, en ging wadlopen naar Schiermonnikoog.

Het was prachtig weer om te kamperen.

Haar tent was te lang voor op de camping, maar paste prima op het Vogeleiland.







We vinden het altijd leuk om mensen te ontvangen en dit is weer eens iets anders. Na een lekker ontbijtje vertrok zij vanmorgen richting huis en waren wij weer een leuke ervaring rijker.



Hier vind je mijn pagina bij Campspace.



zondag 15 juni 2025

Oranjetipje

Look-zonder-look (Alliaria petiolata) en de Pinksterbloem (Cardamine pratensiszijn waardplanten voor het Oranjetipje (Anthocharis cardamines). Ik laat ze altijd staan in mijn tuin.

De bloemen van de Pinksterbloem smaken heerlijk pittig en ik garneer er menig gerecht mee.
De jonge blaadjes van Look-zonder-look smaken lichtjes naar knoflook. Lekker in een salade.

Bij de Look-zonder-look keek ik altijd onder het blad of ik eitjes zag, maar vond er nooit een. Ik knipte na de bloei de zaden weg tegen al te veel uitzaaien. 

Tot ik leerde dat de vlinder juist het eitje op de bloem legt en dat de rups leeft van de zaadjes in de hauwtjes!

Op 15 mei zag ik opeens een eitje! Ze leggen er meestal eentje per plant. Het eitje is eerst wit, maar kleurt al snel naar oranje. Nu ik weet waar ik moet kijken, zie ik gelijk vier eitjes bij een bosje planten in het Zuiderperk. 

Hier een eitje en rechts een lichtoranje rupsje:


De rupsen kleuren langzaam van lichtoranje naar groen, maar ze zijn zo klein, amper een centimeter, dat ik ze niet scherp op de foto krijg:

Ik ga elke dag kijken of deze vier er nog zijn. Ik zou ze wel willen beschermen. Maar dat kunnen ze prima zelf, ze zitten langs een hauwtje en zijn amper te zien. Je kunt ze vinden door een aangevreten hauwtje te zoeken. Na ongeveer twee weken zien ze er zo uit:



Na weer een week:




Opeens zijn ze verdwenen. Hopelijk hebben ze zich verpopt. Ik dacht eerst dat ze naar beneden zouden gaan en dan de grond inkruipen. Ze kiezen voor waardplanten die vlakbij bomen en struiken staan en daar verhuizen ze naar toe om te verpoppen. Die poppen zijn moeilijk te vinden, een driehoekje geplakt aan een stam of tak en het lijkt op een doorn. Eerst groen, later bruin. Als het goed is worden volgend jaar april een aantal Oranjetipjes in mijn tuin geboren.

Foto uit 2022, vrouwtje:



zaterdag 14 juni 2025

Wandeling eetbare planten in Domies Toen (3)

Domies Toen vroeg of ik weer een rondwandeling Eetbare planten wilde geven, net als in 2023 en 2024.

Daaraan voorafgaand werd op 31 mei een nieuw boekje gepresenteerd, waarvan Saskia Nieboer van de Groene Zon en ik een exemplaar kregen uitgereikt door voorzitter Annette Broekhuizen.



Bij de wandeling vandaag waren maar tien deelnemers, het was ook wel een erg warme dag. Maar wel allemaal erg enthousiaste mensen en het was weer erg leuk om te doen.

Ik kon de deelnemers ook nog wijzen op een rups van het Oranjetipje op Look-zonder-look. Henny had die een dag eerder ontdekt.

Leuk weetje: Sinds november 2023 wordt er regelmatig in de nieuwsbrief van Domies Toen een recept van mij geplaatst.


Wespen

In ons vogelhuis broeden elk jaar kool- of pimpelmezen. Ook dit jaar begon een paartje koolmezen weer aan een nest. Tot we opeens geen bedrijvigheid meer zagen. Na een paar dagen stilte toch maar eens binnenin kijken. Toen ik de nestkast opende vloog er een hornaar uit. Dus waren de mezen waarschijnlijk daarom vertrokken. Er was een begin van een nest.

 
Snel weer dicht gedaan. Wat nu? Het was in ieder geval geen Aziatische, maar de Europese, dus bestrijden is niet nodig. Maar op die plek, dichtbij de keukendeur? En straks al de tuinbezoekers die daar langs gaan?
Dit was het beginnetje dat de hornaar al gemaakt had:


Ik vroeg advies aan de Wespenstichting. Dit was het antwoord dat ik kreeg:


Beste Angelika,

Bedankt voor je melding. Voorlopig hoef je niks te doen. De kans dat dit nest er over een paar weken nog zit, is niet groot. Dus laat haar maar gewoon haar gang gaan. Koninginnen zijn schuw en niet agressief.

Mocht het nest er over een maand nog zitten dan zullen er werksters worden geboren die het nest groter gaan maken. We kunnen dan een afspraak maken voor een verplaatsing. We kunnen het nest binnen in je tuin verplaatsen, naar een rustig hoekje, of helemaal ergens anders heen. Dan nemen we het mee. Het vogelhuisje moet ook meeverhuizen maar die kan je aan het einde van het seizoen als het nest is uitgestorven, weer terugkrijgen. De kosten voor een verplaatsing liggen tussen de 25 en 50 Euro.


Nu is mijn vogelhuis ook een kunstwerk, dus dat ga ik niet mee laten nemen en liever ook niet verplaatsen. Ik heb een paar dagen de ingang in de gaten gehouden en zag geen activiteit meer. Toen ik het weer opende was de koningin er niet en ik heb haar ook niet meer gezien. Waarschijnlijk is zij net zo geschrokken van het openen als ik en dus naar elders vertrokken. Heeft het zich vanzelf opgelost. Ik heb het stukje hornaarnest verwijderd (wel bewaard) en de hele nestkast schoongemaakt. Misschien is het nog niet te laat voor meesjes om opnieuw te beginnen.

De Franse veldwespen zitten, net als vorig jaar, ook weer in de kas. Zo wonderlijk, op precies dezelfde plekjes, in de glazen pot en in het messenpotje. 
Net als vorig jaar worden ze in het begin onrustig als ik de kas binnenga, maar na verloop van tijd kennen ze me en is het oké. Gaat een ander de kas in, ontstaat er direct onrust.
Op die plek van hun keuze wordt het erg warm als de zon schijnt, maar daar hebben ze wat op gevonden. Ze gaan flink wapperen om het jonge spul te koelen. Omdat ik het zielig vindt dat ze zo hard moeten werekn, plak ik maar weer een krant op het glas, zodat ze wat schaduw hebben.


Dit is de stok van vorig jaar die in de glazen pot stond.


In de groene glazen pot:


In het messenpotje:


Alles herhaalt zich weer. De Helmkruidbladwesp is ook weer van de partij. Een poosje later
ontdek ik daar de larve van.




De Brede wespenorchis is ook weer verschenen in de pot bij de kronkelwilg, inmiddels al zo'n tien jaar. Nu maar hopen dat een wesp hem weer wil bestuiven net als in 2023.



dinsdag 10 juni 2025

Dinsdag Dicht (70) Paarse Morgenster

In 2022 zette ik een plantje Paarse morgenster in Perk Louis. Omdat het een tweejarige plant is, en alle zaden uitgewaaid waren, hoopte ik in 2024 weer van deze prachtige plant in de bloei te kunnen genieten. Maar niks hoor. Helaas.

Tot dit jaar! Ik zag de lange stengels al verschijnen, ik dacht eerst nog dat het gras was, maar toen herkende ik het. Ik telde er minstens zeven! In Perk Louis en in Perk Guilaume van het Le Roy-tuintje. De stelen waren nu sterker dan in 2022, ondanks de soms stevige wind, bleven ze rechtop staan.








Terwijl ik keek hoe ze open- en dichtgingen dacht ik gelijk aan het prachtige gedicht Morgenster van C.O. Jellema. Hoewel Jellema zelf niet in haiku-vorm schreef, hoop ik dat het de geest van zijn gedicht enigszins oproept. In de bondigheid van de haiku probeer ik de essentie van Jellema's poëzie te vangen èn de specifieke details van de Paarse morgenster.



Vrij naar C.O. Jellema (1936-2003):


Paarse morgenster

Zij aardt op slaperdijken

Sluit in de middag


Ik vraag aan Gemini wat hij ervan vindt:

De verwijzing naar het landschap: "Slaperdijken" is de Jellema-achtige toevoeging.

Het roept een specifiek, rustiek Gronings landschap op en verbindt de bloem met haar 'thuis'.

Het woord "slaperdijken" heeft bovendien iets melancholisch en tijdloos, wat goed past bij de contemplatieve aard van Jellema's werk. Het geeft de bloem een 'plaats' en een 'worteling'.


De subtiele personificatie "Zij aardt" geeft de bloem een zekere activiteit en aanwezigheid, alsof ze bewust kiest om daar te wortelen. "Aarden" is een mooi woord dat zowel fysiek (wortelen), als figuurlijk (zich thuis voelen, verbonden zijn) kan worden opgevat.


De typische cyclus, "Sluit in de middag" blijft de kern van de biologische eigenschap van de Tragopogon, maar door de eerste twee regels krijgt dit sluiten een diepere betekenis. 

Het is niet zomaar een feit, maar een handeling van een bloem die 'haar plaats' heeft gevonden en nu haar ritme volgt.



Om te voorkomen dat alle zaadpluis wegwaait, heb ik ook wat binnen in een vaas gezet.

dinsdag 3 juni 2025

Dinsdag Dicht (69)

Adem inhouden

Getuige van zwanenliefde

Een waterballet 





zaterdag 31 mei 2025

Columns uit Tuin Engelwortel (1)

De stekelige waarheid over bramen

Ik hoor en lees weleens het verzoek om bramen uit je tuin te verwijderen. Ook in onze bosjes verdwijnen ze.

 

Natuurlijk begrijp ik dat stekelige takken langs paden onhandig zijn. Maar stel je eens voor dat we toch een hoekje zouden reserveren voor deze ecologische krachtpatser? Want als we deze prikkende struiken wegnemen, missen we de belangrijke rol die ze spelen in de natuur.

 

Al heel lang doet een misleidend verhaal de ronde: bramen (en brandnetels) zouden wijzen op een verslechterende natuur. In de stikstofdiscussie ligt de focus oneigenlijk op deze planten en leidt het af van de werkelijke, ernstige gevolgen van stikstofdepositie. Laten we het liever hebben over het landschap dat verstomt, over de vogels en insecten die verdwenen zijn. Dát zijn de échte gevolgen van stikstof.

 

Zet een bramenkenner op een willekeurige plek en hij zou aan een struik kunnen zien in welk deel van Nederland hij is. Terwijl er honderden inheemse soorten zijn, die bijdragen aan de diversiteit, is er één soort die we wél moeten bestrijden: de invasieve Dijkviltbraam.

 

Bramen zijn een belangrijke voedselbron voor talloze dieren. Ze fungeren niet alleen als nectarbron, maar vormen ook schuilplaatsen en nestgelegenheid voor diverse vogels, zoogdieren en boomkikkers. En dan zijn er nog de heerlijke vruchten. Die worden niet alleen door de mens geplukt, maar worden ook door vogels en enkele zoogdieren gegeten.

Pioniersplanten groeien als eerste op open plekken en helpen zo de bodem te verbeteren en creëren een basis voor andere planten.


 


Rienk Jan Bijlsma, onderzoeker aan de WUR, heeft een uitgebreide brochure geschreven over bramen in ons land. Hij roept natuurbeheerders op zorgvuldiger met bramen in hun natuurgebieden om te gaan en niet te snel de bosmaaier ter hand te nemen. “Natuurlijk zijn er situaties waarin je wilt ingrijpen, bijvoorbeeld als er door verdroging metershoge bramenstruiken staan. Maar in de meeste situaties zou je bramen moeten waarderen en het vooral zo moeten laten.”

 

Bramen zijn een wezenlijk onderdeel van de Nederlandse natuur, in ons klimaatgebied hoort braam er gewoon bij. Misschien is het tijd om onze kijk op de braam te herzien en de inheemse soorten de plek te geven die ze verdienen in ons landschap. Met een beetje sturing kunnen we er allebei van profiteren: de natuur én wijzelf.

 

Bromberen in het Duits, Blackberry in het Engels en Brommels in het Gronings. En zo brengt de braam niet alleen ecologische waarde en inzichten van wetenschappers, maar ook dierbare herinneringen. O, bramenplukken … de fijnste jeugdherinneringen komen dan boven.


Toen wij hier zes jaar geleden kwamen wonen, was ik verrukt dat het dorpsgroen bestond uit twee lokale bosjes, vlak achter ons huis. Dat wordt bramenjam koken, dacht ik! Want laten we eerlijk zijn, zelfgeplukte bramen smaken toch het allerlekkerst in de jam of een crumble?

Verbaasd kwam ik erachter dat er geen enkele braam te vinden was.

 

Tot de volgende column!


Deze column is eerder geplaatst in het dorpskrantje Lutje Kraantje van mei 2025




dinsdag 27 mei 2025

Dinsdag Dicht (68)


Blauwe regen in bloei 

Hoe vluchtig is geur en kleur

Tot slot confetti