dinsdag 19 maart 2019

Lente 2019

Het is lente! Officieel morgen pas, maar vandaag wordt het een prachtige dag.
Hoe mooi ik het geluid van de wind in de bomen ook vind, maar wekenlang is een beetje veel van het goede. Ook de regen is welkom en nodig voor de grond, maar nu even niet.


Henny hangt een nestkastje op, ik weet het is wat laat, maar ik kwam het nu pas tegen. Het kastje krijgt een mooi plekje op Anárion. Als er niets inkomt, dan misschien volgend jaar.


Ook hangt hij het bijenhotel op dat ik kocht bij Knuffelbijen.nl. Het zijn rosse metselbijen. De koker met poppen bewaarde ik in de koelkast. Ik plaats de koker onder het bijenhotel en haal het dopje eraf. Dat is niet de bedoeling, alleen het stickertje moest eraf. Maar nu kon ik de poppen goed zien ... 


... en er is er al een uitgekomen, links op de foto. Hij, want mannentjes komen als eerste uit, kruipt langzaam de koker uit en vliegt dan de tuin in. 
Inmiddels heb ik het dopje er weer opgedaan, er zit een gaatje in waardoor de uitgekomen bijen er uit kunnen. 

Er bloeit nog niet veel in mijn tuin, maar gelukkig zijn er krokussen, narcissen en blauwe druifjes. Verder heb ik veel speenkruid, knopjes gaan al bijna open. Ik ontdekte ook nog een kleine sering die bijna bloeit. Verder ook madeliefjes en de wilgen in en om de tuin met katjes vol met stuifmeel.



Ook andere soorten weten de bloemen te vinden:



Het is zo leuk dat het voorjaar wordt, ik ben heel benieuwd wat er allemaal tevoorschijn komt in de tuin. Zoals dit mooie anemoontje:


En wat is het fijn om weer buiten te kunnen lunchen!


Update: Hoe blij ik ook was met m'n ‘Knuffelbijen’ ... het is niet gauw goed.
Op de facebookpagina van Wankja Ferguson (ecologisch ontwerpster en beplantingsadviseur voor diervriendelijke tuinen), las ik het volgende:

Beste mensen, laat me jullie nu eens leren hoe het niét moet. Jammer genoeg worden steeds meer bijensoorten geteeld! Mensen kunnen maar niet ophouden met de natuur te willen manipuleren! Koop nooit van dit soort geteelde bijen. Wat het effect is, is dat je ziektes overbrengt van de ene naar de andere plek.

Als je bijen wilt helpen verbeter dan het biotoop. Plant meer bloemplanten, maak nestgelegenheid, gá echter niét kweken!

Laat bijen met rust en hun éigen nestgelegenheid zoeken en hun eigen gezondheid behouden. Telen op deze manier maak de bijen ziek! Je helpt ze er dus zeer beslist niet mee!


Wat je in ieder geval niet moet doen is mestelbijen kopen! Gesleep met bijen zorgt voor ziekteoverdracht. Voeg meer dood hout toe of maak diepe (minimaal 15 cm diep) bijenhotels en plant veel bloemen. Dat helpt ! Niet het kopen en verslepen van de diertjes.

(Knuffelbijen kopen is dus géén goede actie !)


Ik had het kunnen weten! Bijen kweken en dan van hot naar her slepen ... Het is gewoon weer een verdienmodel en helemaal niet om de wilde bij te helpen.




zondag 17 maart 2019

... en nog eens Domies Toen

Vanmiddag ga ik alweer naar Domies Toen. Er is een presentatie van een nieuw boekje, de Stinzenplantengids van Domies Toen. Ik hou erg van stinzenplanten.



In het boekje is een handige plattegrond, zo kun je alle planten makkelijk vinden.
Het is een bijzonder leerzame lezing door Heilien Tonkens, autoriteit op het gebied van stinzenplanten en voormalig kweker van vaste planten De Heliant.

Na de lezing gaan we de tuin in en leer ik dat de holwortel (corydalis cava) heerlijk geurt en de voorjaarshelmbloem of vingerhelmbloem (corydalis solida) niet, en dat deze laatste door je hele tuin verspreidt wordt door mieren, maar dat wist ik nog van de gele helmbloemen aan de kademuren in Gouda, de zaden zijn ook voorzien van een mierenbroodje.
Als je ganzen hebt kun je beter geen krokussen planten, want die worden opgegeten en als het maar niet lukt om winterakoniet te laten groeien, zet ze dan eens onder een linde.
De sneeuwklokjes zijn inmiddels uitgebloeid, maar de ‘blauwtjes’ verschijnen al, de scilla en de sneeuwroem.

Heilien vertelt nog dat mensen meestal een hekel hebben aan wilde planten als bijvoorbeeld look-zonder-look en zevenblad, maar dat zulke planten ook deel uitmaken van de biotoop van de stinzenplanten. Uiteraard wordt dat in deze botanische tuin wel bijgehouden. Ook het daslook wordt hier wel gewied, omdat deze anders andere planten compleet overwoekert.

Volgens haar is de bostulp de mooiste tulp die er is, maar zet hem niet, ondanks zijn naam,  in een schaduwrijk bosgedeelte, hij heeft graag zon.

Tot slot krijgen we een heerlijke kop soep van eekhoorntjesbrood en daslook.


Ik heb weer veel kennis en inspiratie opgedaan, nu weer terug naar mijn eigen biotoop. 😃

vrijdag 15 maart 2019

NL Doet

Ik heb me als vrijwilliger aangemeld om vandaag te helpen in Domies Toen. Er wordt gewerkt aan onderhoud en aanleg van de schelpenpaden. We zijn met een klein clubje vaste vrijwilligers. Ik geloof dat ik de enige via NL Doet ben. Het is ook wel erg fris en winderig. 
Na de koffie en heerlijke taart gaan we de tuin in.
Ik loop met de kruiwagen vol schelpen naar de gewenste plek. Als dat te zwaar wordt ga ik graskanten afsteken en als ik dat ook genoeg vind omdat ik stram en koud ben, ga ik binnen rietstengels knippen voor het insectenhotel. Een van de vrijwilligsters heeft een lekkere broccolisoep gekookt om weer warm te worden.
Ondanks het weer vond ik het erg leuk om te doen en ondertussen leer ik praktische dingen en van alles over planten, waar ik dan weer profijt van heb voor mijn eigen tuin.





vrijdag 1 maart 2019

Carnaval


Je gelooft het niet  wij gaan naar carnaval, of beter gezegd we zijn er.
Huh, carnaval in Groningen? Ja, Kloosterburen is een katholieke enclave op het Hogeland en carnaval is een dorpsfeest waar bijna iedereen naar uitkijkt. Het dorp heet deze dagen Kronkeldörp.


Maandenlang wordt er gebouwd aan de praalwagens voor de de carnavalsoptocht
Ik zag er erg tegenop, maar veel buren gaan en vroegen ons mee.
Ik krijg een jurk te leen en Henny een knalgroene slipjas. Hij wilde er een hoge hoed bij, dus die kochten we in een feestwinkel in Groningen. Ik heb zelf hoeden genoeg, nog van mijn RedHat-tijd. Ik wil er verder geen geld aan uitgeven. 

Ik ben benieuwd of mijn visie over carnaval nou klopt of niet. Ik denk dat het zuipen en hossen is en dat mensen over grenzen gaan omdat ze onherkenbaar zijn.
Ik stel me voor dat je helemaal murw wordt van die hoempapa muziek, vooral van het volume. Ik heb een beeld voor me van lallende mensen die verkleed rondlopen.
Aan de andere kant moet er meer zijn, want er zijn zoveel dorpelingen hier die het geweldig vinden, en dat zijn toch mensen die ik leuk vind en waardeer.
We starten bij buren thuis, wat ik erg gezellig vond, en dan gaan we met z’n allen naar de feesttent.

Je moet het over je heen laten komen, meezingen en meehossen, ook al is de muziek verschrikkelijk.
Even lukt het me, omdat we met leuke mensen zijn, onze dorpelingen.
Maar al gauw ben ik het toch zat, de muziek is zo hard, dat je niet kunt praten, en als iemand iets tegen je zegt versta je het toch niet.
Ik lus geen bier, dat helpt dus ook niet.
Als ik bijna uitglij over de plastic bierglazen en de kartonnen trays op een glibberige vloer, bedenk ik hoe ik hier weg kan gekomen.
Ik vraag aan een buurechtpaar, waarvan ik het vermoeden heb dat die het niet laat zullen maken, of ze willen waarschuwen als ze weggaan. Want dan gaan wij mee en kunnen we de taxi delen.
Dat lukt! Zij gaan nog even met ons mee naar huis en dat is reuze gezellig.

Carnaval is dus eigenlijk een veel socialer gebeuren dan ik altijd had gedacht. Petje af als ik hoor wat Prins Carnaval en zijn adjudant allemaal moeten doen. Eerst de sleuteloverdracht en dan, naast alle vijf de dagen feestvieren, allerlei ceremoniële taken en bezoeken. Het is een omvangrijke organisatie.

Maar goed, ik heb nu een deel meegemaakt en het is voor mij nog steeds hossen en zuipen. Het is ook geen goedkope bezigheid, drankmuntjes vliegen in rap tempo je portemonnee uit. Ik snap wel dat men het geweldig vindt, velen zijn er mee opgegroeid en het verbroedert ook.

Naar de optocht kijken vond ik het leukste deel van het geheel, jammer dat het zo koud en regenachtig was. Verkleden vind ik wel leuk en kijken naar de creaties van de carnavalvierders ook.

Maar verder … ik heb m’n best gedaan, ik vind het nog steeds niks.






zaterdag 23 februari 2019

Ondertussen in de Tuin


De jeneverkruiken die langs het middenpad in de grond stonden, hebben we er toch maar uitgehaald. Ik weet nog niet wat er mee te doen, we hebben ze maar even opgestapeld bij het moestuintje in wording, tot we een goed idee krijgen.


Tja, de Boeddha's. Op het dakterras in Gouda vond ik ze erg leuk. Hier vind ik ze niet zo passen. Maar wegdoen vind ik ook lastig. Ik heb ze ooit gekregen van Henny en heb ze al heel lang.
We besluiten de Grijze achterin de tuin te zetten, onder de hulst. Ik moet zeggen dat tie daar wel past. En hij mag ook overwoekerd worden.
Links van hem heb ik de daslook van Domies Toen geplant.




Door het mooie weer schieten nu, naast de sneeuwklokjes, ook krokussen en narcissen in de bloei.
Wel erg vroeg allemaal.
Ik las dat egels die wakker worden niets te eten vinden, en dat geldt ook voor de lieveheersbeestjes, er zijn nog geen luizen.
Stel je voor, dat de winter nog terugkomt.



De merel scharrelt lekker rond, verder genieten we van kool- en pimpelmeesjes, roodborstje, winterkoninkje, grote bonte specht, vinken en een keep.
Een dikke hommel kwam ook voorbij. Verder barst het van de muggen, waarschijnlijk komen ze uit al die vijvers die hier nog zitten. Nou, ja, muggen zijn in ieder geval voedsel voor wie ze lust.
Deze boerenkrokussen heb ik snel uitgegraven terwijl de bomenkapper bezig was. Ze staan nu bij de rozen van Jan. Die heb ik gesnoeid en ze lopen veelbelovend uit.




Al het kleine brandhout heb ik verplaats naar het houthok achterin. Dus is er weer een deel leeg van het oude houtopslagwrak. Nog tweederde te gaan en dan kan het worden gesloopt.



Deze dode stammen blijven als twee wachters voorlopig nog wel staan. Ik geef bomen en plekken in de tuin namen, zodat het makkelijker praat over wat en waar ik bedoel.

Ze heten nu Anárion (links) en Isildur (rechts):


Een van de weinige scenes die me bijgebleven in film In de ban van de ring (Tolkien), is waar de bootjes op de rivier varen en twee gigantische beelden passeren.
Het zijn de poorten van Argonath en dit monument stellen de koningen Anárion en Isildur voor. Ze hebben hun linkerhand opgeheven om de reizigers te waarschuwen dat zij Gondor betreden.
Dat vond ik heel indrukwekkend. Verder vond ik de film niet zo, omdat het grootste deel vooral gewelddadig was, en daar hou ik niet van.
Nu er zoveel bomen weg zijn, kan ik dit deel van de tuin ook niet meer ‘bos’ noemen. Meestal zeg ik langs de takkenril, maar dat is wel een erg lang stuk.
Als ik nu iets over een bepaalde plek zeg: Bij Anárion of bij Isildur, weet Henny ook waar ik bedoel.


vrijdag 22 februari 2019

Oude foto's

Onze buurman kwam eten en bracht drie oude foto's mee:
Oostzijde

Zuidzijde, ca. 1960 
Winter 1979


zondag 17 februari 2019

Domies Toen

Vanmiddag is er een stinzenwandeling in Domies Toen, een botanische tuin rondom de Petruskerk in Pieterburen.
Erg leuk, ik leer hoe je het verschil kunt zien van een boerenkrokus of een bonte krokus.
Een boerenkrokus (Crocus tommasinianus) is egaal lila en de bloembuis is wit. De bloem opent zich bij zonneschijn stervormig. 
De bonte krokus (Crocus Vernus) houdt altijd een beetje een trechtervorm, is vaak tweekleurig, met vlekjes of streepjes en de bloembuis is donkergekleurd.
Ik vind alle krokussen leuk, maar de boerenkrokus heeft m'n voorkeur. Hier eentje die bijna knakt van het gewicht van een dikke hommel. Ook nog heel veel winterakoniet.



Ook verschillende sneeuwklokjes, kleine, grote en dubbele.


Het lijkt hier eerst nogal kaal, maar als je goed kijkt staat er al veel te gebeuren op bloeigebied. Binnenkort nog maar eens naartoe, ik woon tenslotte erg dichtbij.
Ik koop nog een leuk boekje (€3,50) over de stinzenplanten in Domies Toen. Er zit een handige kaart in zodat je alles makkelijk kunt vinden.


Van degeen die de rondleiding deed krijg ik een tak van de struikkamperfoelie, die al begint te bloeien, misschien lukt het om hem te stekken.


Ook krijg ik wat kleine daslookjes mee, mooi en lekker.
Thuisgekomen zet ik deze gelijk op hun plekje.



vrijdag 15 februari 2019

Oude houthok

Afgelopen woensdag kwamen mijn jongste broer en zijn vrouw voor twee nachtjes logeren. We treffen het met het zonnige weer. Mijn broer komt helpen met het houthok te verplaatsen, dat aan de keukengevel staat en een deel van de grote rommelige houtopslag te verwijderen.






Het kleine houthok moet iets ingekort worden en wordt dan naar achteren verplaatst. We maken een vuurtje om te kijken of het oude brandhout in de houtopslagg nog goed is. Het lag erg dicht op elkaar gestapeld en een deel was groen uitgeslagen. Er zit nog veel goeds tussen, dus dat wordt weer luchtig opgestapeld als het kleine houthok staat.
We gooien bij voorkeur niets weg, alles wordt hergebruikt, behalve plastic in de tuin, dat wordt afgevoerd.


We hebben nu nog geen houtkachel, maar het is wel de bedoeling dat er iets dergelijks komt.
De grote houtopslag moet t.z.t. helemaal weg, want daar moet ooit een schuurtje komen, we doen nu een derde deel ongeveer weg. In april wordt een nieuwe houtopslag op een andere plek gebouwd. Dat is de volgende klus voor mijn broer.

Broer, the Marlboroman
Ook fatsoeneert mijn broer de schuingegroeide wilgen in de takkenril, en zaagt de dode takken en stammen gedeeltelijk weg.



Ondertussen speel ik voor ‘takkenwijf’, ik zaag en snoei en sleep wat af.
Het waren fijne dagen, waarin we veel werk verzet hebben!