zaterdag 12 juli 2025

Zuiderperk en gif

Toen wij hier net kwamen wonen kreeg ik van iemand een Boysenbes. Volgens Wiki: Boysenbes (Rubus loganobaccus × laciniatus × idaeus) is een kruising tussen loganbes, braam en  framboos.

Ik had hem geplant op een plek die later een schaduwplek bleek te zijn, het Zuiderperk. Wat deed deze bes dus: Hij ging de tuin uit, op zoek naar licht. Onder en over het hek, en onder de takkenril door.


De bessen zijn erg lekker, mooi groot en zwart van kleur. Net als de braam is het een sterke groeier met gemene stekels.

Ik was van plan om hem daar weg te halen, maar wist nog niet waar dan wel? Eigenlijk heb ik geen goeie plek voor zo’n woekeraar.


Eind juni zag ik opeens rare gele plekken aan de buitenkant van mijn tuin. Droogte, dacht ik eerst nog.

Maar toen ik beter keek, waren het verschillende plekken. Was er iets gespoten of zo?

Ik was erg ontdaan.


Ik vroeg aan iemand van de boscommissie of hij wilde komen kijken. De boscommissie verwijdert alle bramen uit de dorpsbosjes, maar gebruiken nooit gif. Hier wist hij niets van.

We hadden wel een vermoeden.

Het perceel van onze buurboer ligt naast het schelpenpad. Aan zijn kant doet hij wel iets tegen de distels:



Het zou kunnen dat hij het was. Maar waarom zou hij? Hij heeft er geen last van.

Aan de buitenkant:



Het gesprek

Na een paar dagen zag ik hem en vroeg of hij hier iets van wist. Hij ontkende niet en zei, alsof het de gewoonste zaak van de wereld was: “Ja, daar groeien bramen!”

Ik probeerde rustig te blijven. 

Ik: Ten eerste zijn het geen bramen en staan ze in mijn tuin.

Boer: Ja maar, het hek is de grens.

Ik: Maar na het hek is niet van jouw, maar van Staatsbosbeheer.

Boer: Die onderhouden het niet.

Ik: Dat hoeft ook niet, het is natuur. En daar ga je zeker geen gif spuiten.

Boer: Dat is zo weer weg.

Wat ik niet wilde, maar toch gebeurde, ik werd kwaad en viel tegen hem uit:

We hebben al genoeg kanker in het dorp!!

Dat had ik misschien niet moeten zeggen, maar het is wel zo.

Boer: Het is niet bewezen dat het daarvan komt.

Ik: Maar ook niet dat het er niet van komt.

Toen ging hij zo’n onzin kletsen dat ik het stopte.

Ik: Klaar, ik wil gewoon niet dat er gif bij mijn tuin wordt gespoten. Mocht er iets groeien dat je niet wilt, kom je naar mij en haal ik het zelf wel weg.


Dat hebben we dus afgesproken. Ik wil ook geen ruzie met mijn buren.

Maar mocht het nog eens gebeuren dan stap ik wel naar de milieupolitie o.i.d.

Wat hij op zijn akker doet, daar heb ik niets over te zeggen, dan had ik hier maar niet moeten komen wonen. Hoewel, toen we hier kwamen ging ik er nog van uit dat het gifgebruik wel flink aan banden gelegd zou worden. Ik wist toen natuurlijk nog niet dat we met een fout kabinet opgescheept gingen worden.


Aan de zijkant, waar ik inmiddels het dode spul weggehaald heb, heeft de Maagdenpalm ook een flinke klap gehad:


Ik besluit de bes helemaal te verwijderen en vraag mijn broer om te helpen met uitgraven.

Dat blijkt een flinke klus. Het wordt een grote kaalslag in het Zuiderperk en buitenom.

De bes had zich al flink weten te verspreiden. Dat gif zou niet veel uitgehaald hebben voor de bes, alleen dat er dus andere planten dood zijn. De boer heeft lukraak gif op wat uitlopers gespoten, die zijn verdord, maar de plant zelf dus niet. Al met al nogal een zinloze actie.


Van de Rodgersia waren alleen wat buitenste bladeren geraakt, die heb ik afgeknipt, verder ziet hij er nog wel goed uit.



De buitenkant, op de hoek:

Vlakbij het hek had ik vijf verschillende Epimediumsoorten staan, hopelijk komen ze volgend jaar terug, maar ik vrees het ergste. 

Waar ik me ook wel zorgen om maak is dat op dat plekje de egels graag kwamen. Mogelijk is dat ook een plek waar de salamanders naar toe gaan zodra ze uit het water gaan. Ook de poppen van de oranjetipjes zaten hoogstwaarschijnlijk daar. Zo zie je maar weer dat je geen weet hebt wat je veroorzaakt met één zo'n domme actie.


Na de opruimactie heb het hele perk voorzien van een laagje eigen compost.



Uithuilen en opnieuw beginnen. Ook wel weer een kans. Ik ga bedenken welke schaduwplanten ik daar weer wil. Er stonden wel al kievitsbloemen, daar ga ik meer van aanschaffen en ook andere bolgewasjes die op schaduwplekken willen. 


dinsdag 1 juli 2025

Dagje strand Delfzijl (5)

Het wordt weer boven de 30°C, aanleiding om naar Strand Delfzijl te gaan, voor het vijfde jaar achtereen. We houden wel van een beetje desolate omgeving. Eerst weer koffie en taart op het terras van het Eemshotel en dan wandelen tot het eind.

Ik loop de pier op en zie, net als vorig jaar, onder de rand de zwaluwen bezig met hun nesten





Het is erg rustig en voor het eerst maken we mee dat het eb is. 


Er groeien alweer wat meer planten, het zeldzame Klein schorrekruid:


Klein hoefblad:

Zulte:

Twee soorten Schijnspurrie, de zeldzame Gerande en daaronder de Zilte. Ik zie geen verschil, maar Obsidentify wel.



We lopen tot het voormalige visrestaurant op poten. Er zijn mensen binnen, we gaan even kijken. Deze mensen gaan het visrestaurant weer nieuw leven inblazen, waarschijnlijk gaan ze in augustus open. Hoewel we geen vis eten, is het wel een fantastische plek voor een restaurantje. We wandelen terug naar de parkeerplaats, en toevallig vroegen mensen in een camper waar je hier een visje kunt eten. We konden niets bedenken, behalve Zoutkamp.
Toen ze al weg waren schoot ons helaas te laat Termunterzijl te binnen. 
’t Zielhoes in Noordpolderzijl is op dinsdag gesloten, dus rijden wij door naar Garnwerd aan Zee.


Een schaal met lekkere vega borrelhapjes en sinds lange tijd weer eens een roséetje.
Het was een heerlijk vakantiedagje!

woensdag 25 juni 2025

Tuinbezoek, Open Tuin (2)

De eerste keer dat ik open was voor tuinbezoek was 15 juni, maar toen kwam er niemand.

Op 18 juni kwam een groepje van acht leden van IVN Noord-Groningen op tuinbezoek. Allemaal even enthousiast en veel oog voor wat er groeit en bloeit en rondfladdert. Het was een gezellig middag met leuke gesprekken.


In ‘De Pommel’, het blad van IVN Noord-Groningen verschijnt een artikel over het bezoek:


Op 22 juni is het Open tuinen weekend van Groei&Bloei, er kwamen drie bezoekers, een buurvrouw en een stel dat ook bij mijn rondwandeling in Domies Toen was.

Vandaag kwam een tuinclub uit de buurt, met vijf dames, wat ook heel gezellig was.



maandag 23 juni 2025

Logeer kipjes (2)

Waren de logeerkipjes vorige maand een weekendje bij ons, kwamen ze weer op 6 juni en blijven bijna twee maanden. De eigenaars zijn met de camper weg.

Hielden we ze vorige maand nog binnen, nu mogen ze naar buiten.Ze krijgen de voorste ren. Van het oude kippenhok, dat inmiddels badhuis geworden was, maken we weer een tijdelijk nachthok.

Met handmatig deurtje, dus zal ik weer vroeg op moeten.

Katrien is een lieve, rustige kip. Het lijkt of ze soms niet weet hoe om te gaan met die vier drukteschoppers.



Omdat het in het begin nog best koud is 's nachts , halen we de kuikens nog naar binnen. Het gaas, bedekt met een steen en een plank mocht niet voorkomen, dat er eentjes ontsnapte en vrolijk door de keuken liep.


Na het weekend is het 's nachts wat warmer en hoeven ze niet meer naar binnen. Hoewel de kuikens alles al kunnen, weten ze niet dat je als het donker wordt naar binnen moet gaan, dat is dus iets wat je van je moeder moet leren.

Katrien gaat zelf al heel vroeg naar bed, soms zelf voor 20:00 uur, maar de kleintjes blijven lekker rondsporten. Om 22:00 uur zetten we ze, onder protest, in het nachthok.


Het gaat heel goed, de verschillende groepjes hebben niet veel aandacht voor elkaar. Alleen onze Bieleveldertjes pikken zo nu en dan venijnig door het gaas naar de kuikens. Maar het blijven twee verschillende wereldjes.

Ze zijn nu ongeveer zes weken. Het wordt al duidelijk wie de haantjes zijn. 

Je kunt er heel de dag naar kijken, het is de leukste TV ooit. Het lijkt wel alsof we ze zien groeien.

's Morgensvroeg, blij dat ze vrijgelaten worden:





zondag 22 juni 2025

Camping

Toen alle delen van de tuin een naam kregen, was er tussen het houthok en de kas een klein stukje gras waar ik geen naam voor wist. Henny gaf het de naam ’Camping‘. Inmiddels zit je daar onder de blauwe regen en de druif. Het is een lekker plekje om koffie te drinken.


Nu vond ik een website, Campspace, waar je je plekje in de tuin kunt verhuren. Een kennis wilde wel haar tentje neerzetten om te kijken of het past en zo maakten we met veel lol een fotoreportage voor op die website. Ik ben de enige hier in de buurt die plantaardige maaltijden serveert.





Het begon als een grap, maar tot mijn verbazing had ik na een week een boeking!

Een sportieve vrouw op de (niet elektrische) fiets die voor twee nachten boekte met maaltijd en ontbijt, en ging wadlopen naar Schiermonnikoog.

Het was prachtig weer om te kamperen.

Haar tent was te lang voor op de camping, maar paste prima op het Vogeleiland.







We vinden het altijd leuk om mensen te ontvangen en dit is weer eens iets anders. Na een lekker ontbijtje vertrok zij vanmorgen richting huis en waren wij weer een leuke ervaring rijker.



Hier vind je mijn pagina bij Campspace.



zondag 15 juni 2025

Oranjetipje

Look-zonder-look (Alliaria petiolata) en de Pinksterbloem (Cardamine pratensiszijn waardplanten voor het Oranjetipje (Anthocharis cardamines). Ik laat ze altijd staan in mijn tuin.

De bloemen van de Pinksterbloem smaken heerlijk pittig en ik garneer er menig gerecht mee.
De jonge blaadjes van Look-zonder-look smaken lichtjes naar knoflook. Lekker in een salade.

Bij de Look-zonder-look keek ik altijd onder het blad of ik eitjes zag, maar vond er nooit een. Ik knipte na de bloei de zaden weg tegen al te veel uitzaaien. 

Tot ik leerde dat de vlinder juist het eitje op de bloem legt en dat de rups leeft van de zaadjes in de hauwtjes!

Op 15 mei zag ik opeens een eitje! Ze leggen er meestal eentje per plant. Het eitje is eerst wit, maar kleurt al snel naar oranje. Nu ik weet waar ik moet kijken, zie ik gelijk vier eitjes bij een bosje planten in het Zuiderperk. 

Hier een eitje en rechts een lichtoranje rupsje:


De rupsen kleuren langzaam van lichtoranje naar groen, maar ze zijn zo klein, amper een centimeter, dat ik ze niet scherp op de foto krijg:

Ik ga elke dag kijken of deze vier er nog zijn. Ik zou ze wel willen beschermen. Maar dat kunnen ze prima zelf, ze zitten langs een hauwtje en zijn amper te zien. Je kunt ze vinden door een aangevreten hauwtje te zoeken. Na ongeveer twee weken zien ze er zo uit:



Na weer een week:




Opeens zijn ze verdwenen. Hopelijk hebben ze zich verpopt. Ik dacht eerst dat ze naar beneden zouden gaan en dan de grond inkruipen. Ze kiezen voor waardplanten die vlakbij bomen en struiken staan en daar verhuizen ze naar toe om te verpoppen. Die poppen zijn moeilijk te vinden, een driehoekje geplakt aan een stam of tak en het lijkt op een doorn. Eerst groen, later bruin. Als het goed is worden volgend jaar april een aantal Oranjetipjes in mijn tuin geboren.

Foto uit 2022, vrouwtje: