vrijdag 15 juli 2011

Feierabend

Ha, vrijdagavond ... een van de favoriete avonden van de week. Bij Man op het atelier veel perikelen met stroomuitval. Werk is gedaan, tijd voor een drankje, en tijd voor elkaar.

Na de natte en winderige treurnis van gisteren, kunnen we nu weer buiten op het dakterras zitten. Eindelijk lekker thuis met een lekker fris drankje J.ills. Gedichtje lezen. Valt er nog wat te oogsten in onze minimoestuin? Een komkommertje, een aardbei, wat boontjes. Ik fröbel een heerlijk pannetje pasta met blauwe kaassaus. We schuiven de tafel naar een plekje in de laatste avondzon. De gierzwaluwen scheren in duizelingwekkende vaart over ons heen, luid srie-srie roepend. Een libel komt ook even rusten, vlakboven onze tafel, in de Amorpha.


Mijn Architect zet een muziekje op ... we zitten gelijk een end terug in de tijd:

The Sound. In 1984 waren we bij hun optreden in de Rotterdamse Arena (later Nighttown).
Fantastische muziek. Helaas leed Adrian Borland aan depressies en hij pleegde zelfmoord door voor een trein te springen in 1999, 41 jaar was hij.
Gruwelijk, ik haat zelfmoord. Tekortschietend in hulp. Wij hebben twee zeer dichtbij meegemaakte zelfmoorden, een werknemer van Man, en een vriendin. Zo zinloos, zo verdrietig voor alle betrokkenen.

Ik was in die tijd, naast The Cure, gek op de muziek van The Sound. Nu, als ik er naar luister krijg ik nog steeds kippevel. Voor mij een van de grootste bands van de jaren 80. Zouden ze, als Borland was blijven leven, U2 voorbij gestreefd hebben?
Ik heb 1 elpee: From the lion’s mouth. In de stem van Adrian Boland hoor ik alle leed van de wereld, maar ook zo sensueel, raakt me nog steeds diep, het nummer Silent Air kan me zelfs nu nog tot tranen beroeren:

Thunder in the air
Before a storm that rips
Anger in my heart
A finger on my lips
You showed me that silence
That haunts this troubled world
You showed me that silence
Can speak louder than words
Words end in disaster
On the rocks, in pieces
I know something lives on there
But I can't say what it is

Oh die stem ... die stem...
The Sound

Waar is het goed wonen?

Kunstwerk van Zoon, basisschool groep 3 of 4

In de Elsevier van 2 juli staat een artikel over de beste gemeenten van 2011. Een onderzoek naar de beste plek om te wonen, werken en recreëren. Er zijn 418 gemeenten in Nederland vergeleken.
In de provincie Zuid-Holland is Oegstgeest de winnaar (nr. 9) en mijn huidige woonplaats, Gouda, staat in de ranglijst op positie 274, overlast, veiligheid en sociaal klimaat scoort daar zeer matig. Maar dat wisten we al.

Interessanter vind ik Groningen. Het gaat in totaal om 418 gemeenten. Haren is de winnaar. Als Haren op nr. 1 staat, wat staat dan op nummer 418?
Ook een plaats in Groningen: Bellingwedde. En op nr. 417, de een-na-laatste plaats staat Pekela.

In dat onderzoek lijken bepaalde voordelen mij juist nadelen en andersom.
Historisch decor is leuk, maar niet noodzakelijk, aantrekkelijke buurt, natuur, rust en ruimte kan ik me wel in vinden.

Basisvoorzieningen zoals kinderpakket, jongerenpakket en winkels, wat voor de gemiddelde bewoner hoog aangeschreven staat, is voor mij eerder een nadeel!
Wij wonen nu naast het schoolplein van een na-schoolse opvang, en dat is op mooie dagen geen pretje. Heb je een idee hoeveel decibel die kleintjes van tegenwoordig kunnen produceren? En dat dat in deze tijd not done is om te corrigeren? Een middagdutje, soms zo vreselijk behoefte aan na pittige werkdagen en slapeloze nachten, kan ik wel vergeten.

De plusvoorzieningen als musea, theaters en cafés hoef ik niet in de buurt van m’n huis te hebben. Ik vind het geen nadeel dat ik een stukje moet reizen voor deze voorzieningen. Mijn gewenste woonomgeving is vooral erg stil.
Openbaar vervoer redelijk in de buurt vind ik wel weer handig.

Bij de Groningse gemeenten staat ook een aantal keer een tekentje voor bevolkingskrimp. Ik kan me voorstellen dat dat een nadeel is, maar ik denk dan: Gaan jullie allemaal weg, komen wij, wat een rust!

Ik ben deze dagen druk bezig met het invullen van onze vakantie in september. Het wordt een kleine rondreis door de provincie Groningen, verschillende plekken om te ervaren.
We zitten ook een paar dagen in de buurt van Vlagtwedde. Vlagtwedde staat op nr. 414. Het scoort zo laag omdat er geen voorzieningen zijn, maar er is daarentegen weinig overlast.
Ook zitten we een paar dagen in de Marne, tot nu toe onze favoriet. Deze zit in het artikel ook vrij laag, op nr. 323, weinig voorzieningen, maar juist ook weinig overlast en weinig misdaad en de saamhorigheid bevolking scoort zeer goed. Dat soort beoordelingen houdt dan wel weer in dat er matig openbaar vervoer is.

Tja, het is boeiend om het artikel te lezen, maar bij onze uiteindelijke keuze waar we ooit gaan wonen speelt gevoel ook een grote rol.
Het zal vooral de plek worden, daar waar ons droomhuisje staat!

Tijdschrift Elsevier nr. 26



woensdag 13 juli 2011

Rozen

Bright as a button
Vlakbij een van de locaties waar ik werk is een Rosarium. Er staan de prachtigste uitbundige soorten rozen, toch vind ik de enkelbladige, waar je de meeldraden kan zien, eigenlijk het mooist.


Bright as a button
Red Dagmar
Jackys Favourite


zondag 10 juli 2011

Moe's dakterras

Een piepklein ‘natuurgebiedje’ midden in de stad op m’n dakterras. Het groeit en zoemt hier dat het een lieve lust is.
Ik heb wel een Insectengids, maar er zijn zoveel soorten bijen en wespen met allemaal weer verschillende pyjamaatjes. Ik kan deze niet vinden in het boek, dus hou ik het maar op ‘wespje’, hier op het Zegekruid (Nicandra physalodes) gezeten.

Update, met dank aan Jan van slamenietdood weblog: Geen wespje, maar een zweefvlieg: waarschijnlijk een terrasjeskommazwever (wie bedenkt zo'n naam)
... in mijn geval een dakterrasjeskommazwever.




Ik had twee slaplantjes, ze zijn flink gegroeid (zonder mest), al geoogst én opgegeten.



Hoewel een merel dagelijks een besje komt pikken, zijn er nu toch ook een paar om zelf op te eten.


De aardbeien hebben zich hersteld, ze zijn belaagd door rupsjes, luizen, witte vliegjes en mieren. Er mag op mijn dakterras geen gif gebruikt worden. Ik heb er steeds alles afgespoten met een flinke straal water. De kilo per plant, die Robben ons voorspelde zal niet gehaald worden, maar blij met elke rijpe aardbei, want ze smaken goddelijk.





Ook een paar boontjes dit jaar:



Een minikomkommer, deze waren speciaal bedoeld voor in een pot.
Hij is bijna 10 cm nu.


De tomaatjes komen er nu ook aan. De zaadjes heb ik vorig jaar uit een bakje biologische minitomaten in allerlei kleuren gehaald. Ik weet dus nog niet wat het gaat worden. Zo te zien wel met een ovale vorm.


Hier op de hortensia een hommeltje.


Het is op kleine schaal alvast ervaring en kennis opdoen, voor later als ik een riante tuin ergens in Groningen bezit. 
J

dinsdag 5 juli 2011

Dinsdag Dicht (22)

kwelder bij Moddergat, 26 juni 2011


kijk, een graspieper
in gesleten zomerkleed
stil op de kwelder




Moderne tijd, in mei 2025 heb ik aan ‘Gemini’ gevraagd wat hij vindt van eerder geschreven haiku's.

Deze haiku heb ik in 2011 geschreven na een plukwandeling in Moddergat, met de schrijfster Ria Loohuizen. Om even uit te rusten ging ik naast haar zitten en zij wees me op de graspieper.

Gemini:

Wauw, dat is een prachtige haiku! Zelfs na 14 jaar is hij nog steeds heel treffend en sfeervol.

Wat ik er zo mooi aan vind:


 * De observatie is scherp: "Kijk, een graspieper" trekt direct de aandacht en plaatst de lezer in het moment. Het is een directe, bijna verwonderde constatering.

 * De details zijn subtiel en suggestief: "In gesleten zomerkleed" roept een heel helder beeld op van de vogel aan het einde van de zomer, de kleuren misschien wat vervaagd door de zon en de tijd. Het woord "gesleten" heeft iets poëtisch en melancholisch.

 * De setting is rustgevend en evocatief: "Stil op de kwelder" geeft een gevoel van ruimte, rust en de specifieke sfeer van een kwelderlandschap. De stilte benadrukt de aanwezigheid van de vogel.


 * De eenvoud is krachtig: Met slechts weinig woorden weet je een heel compleet beeld en een bepaalde stemming over te brengen. Dat is de kracht van een goede haiku.

Het is echt een haiku die blijft hangen. Heb je er nog meer geschreven in die tijd? Ik ben wel benieuwd!


maandag 4 juli 2011

Courgette



Ik zaai elk jaar wat pompoenen, courgettes en (mini-) komkommers. Niet zo zeer voor de oogst, maar vooral voor de bloemen. Zo heb je goedkoop toch potten vol met mooie planten. In vergelijk met een tuin moet je op een dakterras elk jaar vaak weer helemaal opnieuw beginnen. Hoewel ik ook planten heb die het al jarenlang goed doen in hun pot, wil ik geen geld uitgeven aan steeds maar nieuwe planten. Ik geniet erg van de groeikracht van deze cucurbita pepo met hun mooie geel gekleurde bloemen. En het is leuk als er toch vruchtjes gevormd worden.
Vorig jaar waren er steeds geen mannelijke en vrouwelijke bloemen tegelijkertijd open, dus kwam er niks van bevruchting en vielen de kleine vruchtjes er af.

vruchtbeginsel van de pompoen



Dit jaar heb ik met tussenpose van drie weken gezaaid. De pompoenplanten bloeien uitbundig, maar in een pot verwacht ik geen pompoen. Wel verschijnen er inmiddels minuscule komkommers. Maar met verbazing volgden we de groei van een courgette:
dit was op18 juni ... 
... en dit op 28 juni


(Sorry voor de wat suggestieve foto’s J)
op 29 juni
Op deze regenachtige dag besloot ik dat hij de volgende dag geoogst zal worden.




Het stelt misschien weinig voor, maar ik ben hartstikke trots om mijn eerste zelfgeteelde courgette. Wat heb ik ervan gemaakt? Hier het recept.

maandag 27 juni 2011

Live muziek in Café Marleen

Toen we gisteravond terug in de stad Groningen waren, gingen we ‘nog even’ (was de bedoeling) naar Café Marleen, deze avond trad Jael Been met band op. Ze spelen eerst covers, maar zodra ze hun eigen nummers spelen, spreekt me dat meer aan. 




Lou Leeuw komt langs en neemt een affiche van z’n feest voor ons mee (heeft Marleen voor ons geregeld).
De muziek gaat na het optreden weer door, ook Lou is niet te stoppen, het duurt tot in de vroege morgen. Het talent van Jael blijkt pas echt in de 'nazit', onversterkt, wat een stem!
We kunnen nog drie uurtjes slapen en dan de trein terug. Als we langs het museum komen, worden we nog getrakteerd op dit kunstwerk:



zondag 26 juni 2011

Plukwandeling op de kwelders

Na veel cultuur dit weekend, geweldige muziek bij Lou, wandeling met gedichten en hofjes en film in Stad, nu tijd voor natuur. Zo nat als het gisteren was, zo zonnig is het nu.
We nemen de trein naar Winsum en worden daar opgehaald door medegast Carin om naar  Landhuis Oosterhouw in Leens te gaan.
Ik heb een plukwandeling met Ria Loohuizen geboekt. Ik had vorig jaar haar boek Van Nature aangeschaft, zo’n leuk boek en toen ik dus las over deze workshop op de website van Oogsten zonder zaaien heb ik ons direct opgegeven.

We worden hartelijk ontvangen door Ria, een vrouw naar mijn hart, en door de eigenaars van Oosterhouw, landschapsarchitect Klaas T. Noordhuis en beeldend kunstenaar/kok/schrijver Hans Christiaan Klasema, twee illustere mannen die in dat prachtige landhuis wonen. In de CV van Klaas las ik deze zin: Een niet erg gelukkige jeugd compenseerde ik met dromen op de dijk’. Dan heb je mij te pakken!
Gisteren, tijdens de poëziewandeling werd er een gedicht van C.O. Jellema voorgelezen, de toenmalige levensgezel van Klaas, die in in 2003 overleden is. Helaas weet ik niet meer welk gedicht het was.
Misschien kan ik het nog achterhalen.
Trouwens over het landhuis Oosterhouw en zijn bewoners zou ik ook een blog vol kunnen schrijven. Misschien komt dat nog, als we er nog een keer naar terugkeren. Onderaan dit bericht nog een mooi filmpje.



Ook ontmoeten we de andere deelnemers, bijzonder leuke mensen.
We gaan aan de mooi gedekte grote tafel zitten, onder een tentdak en Ria vertelt hoe het er in Nederland voorstaat betreffende ‘wild eten’, natuurbeleving en hoe zogenaamde natuurbeschermers in kantoren achter bureaus en tekentafels bepalen waar en hoe we aan de natuur mogen ‘deelnemen’ en wat we daaraan mogen (of moeten) beleven.


Na deze introductie, met heerlijke koek en dan nog een wild soepje, wachten we op het afgaande tij.
We bekijken ook de mooie parktuin met diverse tuinstijlen, de achtertuin en moestuin en het landhuis met kamers van een doorleefde schoonheid, vol boeken en kunst. Ook A. exposeert hier zijn bijzondere fotoglasplaten.
Dan trekken wij onze kaplaarzen aan, rijden naar Moddergat en lopen naar de kwelders. Daar plukken we zeekraal, zeemelde en lamsoor. Al plukkend snoepen we er al van. De lamsoor begint te bloeien en de kwelders kleuren hier en daar al lilapaars. Ook groeit er zeealsem, met z’n aparte geur.
Het is hier zo mooi, wat een voorrecht om hier in de buurt te wonen!


Lamsoor
Zeekraal
Zeekraal en op de voorgrond zeemelde

Bij terugkomst besluiten we wie wat gaat maken van onze oogst en gaan we de keuken in.
Het wordt een bijzonder feestmaal, met de geplukte zeegroenten, met vis onder knapperige wijnbladeren, tartaar van gerookte bietjes en feestelijke salades. M. bakt er geweldig brood bij. De gerechten worden geserveerd op de zeldzame Rosenthal borden met waterleliemotief.


Tartaar van gerookte bieten en zeekraal (op het mooie Maria Rosenthal servies)
Salade met bloemen en de geplukte zeegroente

zaterdag 25 juni 2011

Poëzie en Architectuur

Na het feest van Lou, gisteren, lopen we terug naar ons hotel. Het was handig dat we dit hotel ruim op tijd geboekt hebben. Alle hotels in Groningen zijn vol. Wat is er veel te doen! Behalve Swinging Groningen, Tuin- en Kunsttiendaagse, Dag van de Architectuur, Hoofdstad van de Smaak is er ook nog de TT in Assen. Ook in ons hotel zitten motormuizen. Gisteravond niet gegeten, behalve een broodje in de trein, omdat ik gelijk door naar het feest wilde. Niet zo slim als er gedronken wordt. Man noemde dat een ‘beginnersfout’. Als we deze morgen door het kabaal van die grote brommers wakker worden, met hoofdpijn en lamlendigheid, bedenk ik dat we op zoek moeten naar kippensoep, dat hielp vroeger ook altijd. We gaan bij La Place eten. Jammer dat het vandaag een grijze, miezerige dag is, anders hadden we op het dakterras van V&D kunnen zitten.

Dakterras La Place V&D

Na een flinke kom antikatersoep en een paracetamolletje zijn we weer in vorm voor het vervolg van ons programma.
We gaan mee met een Poëziewandeling van de Tuin- en Kunsttiendaagse.
De wandeling voert langs een aantal bijzondere hofjes waar gedichten worden voorgedragen. Onze gids Koos haalt ons op bij het VVV.


Onze Wandeldichter Klaas Hofstra
De dichter Klaas Knillis Hofstra is zelf bewoner van een eeuwenoud hofje in Stad, hij dicht in het Nederlands en in het Stellingwerfs. Hij brengt tijdens de wandeling behalve eigen werk ook enkele toepasselijke gedichten van andere (Groninger) schrijvers ten gehore. Het miezert en eigenlijk past dat wel bij de wandeling en de gedichten. Het is in ieder geval niet erg dat de zon niet schijnt.
Voor het huis van W.F. Hermans
De wandeling wordt muzikaal afgesloten in een van de mooiste tuinen van de stad, de Prinsentuin, door Arnold Veeman met een aantal van zijn prachtige liedjes in het Gronings, ook mijn favoriet Mien lutje laif. Wat een stilist is die man!
Prinsentuin
Arnold Veeman
De regen gaat gestaag door, na het optreden van Arnold Veeman zoeken we een droge plek op, en komen langs ’t Feithhuis, daarbinnen ziet het er gezellig uit. We zitten daar een wijl en lezen alle beschikbare kranten uit.


Ik bekijk de menukaart en zie, heel spannend, Boerenslakken uit Zuidbroek staan, een spies van gefrituurde slakken met een knoflooksoepje en witlofsalade.
Even kom ik in de verleiding om avontuurlijk te zijn, maar de herinnering aan een onprettige ervaring van weleer, escargots à la bourguignonne, wat leek op stukjes fietsband in knoflookboter. Waarschijnlijk onterecht, maar ik besluit het niet te doen.
We kiezen voor een ander voorgerecht: Nieuwe Haring, op een gelei van 6 jaar oude jenever met bietensalade en een roggebrood-roomkaasbonbon (8,75). Overheerlijk. Vooral die gelei, nog even met de vinger over het bord om niets achter te laten.


Het regent nu serieus en we lopen snel naar het filmhuis, daar draait in het kader van de Dag van de Architectuur de documantaire Citizen architect.
Uit twee beschrijvingen:

Citizen Architect gaat over de architect Samuel Mockbee (1944-2001) en zijn radicale ontwerpbouw-onderwijsprogramma dat bekend staat als de Rural Studio in Hale County, Alabama. De film toont de inspanningen van Mockbee om toekomstige architecten te trainen met de kennis en passie die essentieel zijn voor de verbetering van de kwaliteit van leven in een gemeenschap. Sociale bevlogenheid en ethische verantwoordelijkheid staan centraal in hun ontwerpwerk voor gebouwen die voldoen aan de behoeften van hun klanten, voornamelijk minderbedeelden. Met minimale middelen worden de ontwerpen gebouwd, voornamelijk met gevonden en lokaal materiaal, waardoor kosten laag blijven en de milieu-impact praktisch verwaarloosbaar is. De resultaten zijn functioneel, maar ook slim en heel prachtig.

Citizen Architect: Samuel Mockbee and the Spirit of the Rural Studio. 
De nieuwe utopie van de architectuur gaat back to basic. De Rural Studio heeft een duidelijk doel: leer ontwerpen voor de mensen die het nodig hebben. Samuel Mockbee’s stagestudio spreekt jonge architecten aan verantwoordelijk te kijken naar het vak dat ze intreden. Want de vraag rijst toch: Hoeveel prachtige, perfect uitgewerkte maar peperdure villa’s heeft de wereld nodig? Koolhaas aspiraties zijn begrijpelijk maar weinig relevant op wereldniveau. Deze festivalfavoriet is niet de preek die het zou kunnen zijn maar een grappige inkijk in een serieuze zaak, met kleurrijke personages en vol inspiratie.

Tot slot nog een cappuccino in café De Oude Wacht en de vermoeidheid slaat toe: bedtijd.